Direkt zur Navigation springen [Alt/Ctr+1]Direkt zum Inhalt springen [Alt/Ctr+2]
Schrift: größer | kleiner | Druckansicht
Erweiterte Suche
Logo der Festung Ehrenbreitstein - Zurück zur Startseite Festung Ehrenbreitstein
  • Home
  • Aktuelles
  • Top 10
  • Rund um die Festung
  • In der Festung
  • „Living History“
  • Ausstellungen in der Festung
  • Gelände
  • BUGA-Festival 2012
  • Bilder
  • Seilbahn und Aufzug
  • Literatur
  • Meisterwerke zwischen Rhein und Mosel
  • Service
  • Soziale Medien
  • Kontakte
  • Impressum
  • Kontaktformular
  • Datenschutz
  • Sitemap
  • www.gdke.rlp.de
  •  
  • english
  • français
  • nederlands
Luftbildaufnahme der Festung Ehrenbreitstein | Foto: BUGA 2011 GmbH
nederlands > De vesting Ehrenbreitstein in Koblenz > Vroege vondsten en vestingwerken op de Ehrenbreitstein in Koblenz

Vroege vondsten en vestingwerken op de Ehrenbreitstein in Koblenz

Axel von Berg

In het kader van de ontsluiting van de geschiedenis van de vesting heeft de Generaldirektion Kulturelles Erbe, Direktion Landesarchäologie in samenwerking met Burgen, Schlösser, Altertümer onderzoekingen en opgravingen uitgevoerd om ervoor te zorgen dat eventuele bewijzen voor eerdere bewoning bewaard blijven.

Veel talrijker zijn vondsten uit de late bronstijd, die stammen uit de tijd tussen 1200 en 900 voor Christus. Verrassend genoeg kunnen nu ook resten van bebouwing uit deze vroege periode worden gedocumenteerd. Deze behoren tot de vroegste verdedigingswerken op het vestingplateau. Een als versterking in de rotsen uitgehouwen palissadegreppel is behouden gebleven. Deze sloot de zuidelijke rotsformatie af van de eigenlijke plateauvlakte (afb. 1). De palissadegreppel uit de late bronstijd is de eerste uit een lange reeks vestingwerken en vestingen op de Ehrenbreitstein, die tot in onze tijd doorloopt.

Daarnaast worden er veel objecten gevonden die afkomstig zijn van de Keltische Hunsrück–Eifel-cultuur en dateren uit de ijzertijd. Een van de mooiste vondsten uit deze tijd is een bijna complete, getordeerde bronzen halsring met haaksluiting (afb. 2). De prachtige vondsten op deze plek wijzen op de aanwezigheid van een versterkte nederzetting uit de ijzertijd, die hier sinds de zevende eeuw voor Christus tegenover de monding van de Moezel moet hebben gelegen.

De vondsten tonen aan dat in de Romeinse tijd op de Ehrenbreitstein een versterkte 'burgus' heeft gestaan, waarvan tot begin vijfde eeuw na Christus sporen zijn gevonden. Daarnaast is een serie antieke munten ontdekt waarvan de eerste dateren uit de tweede eeuw na Christus en de laatste zijn geslagen ten tijde van keizer Magnus Maximus, rond 388/390 na Christus (afb. 3). Projectielen van brons en lood die afkomstig zijn van de helling waarop de vesting staat, wijzen op gevechten tijdens de verdediging van de laatantieke Rijnlimes in de vierde eeuw na Christus.

Karolingische keramiekvondsten en vroegmiddeleeuwse wapens tonen aan dat al in de negende/tiende eeuw begonnen is met de bouw van de middeleeuwse versterkingen op het plateau van de Ehrenbreitstein. Deze vondsten wijzen erop dat op deze plek een versterking moet hebben gelegen, waaruit in de tiende eeuw de eerste burcht is ontstaan waarvan melding wordt gemaakt.

Uit de tweede helft van de twaalfde eeuw stamt de zogenaamde - tegenwoordig gedempte - 'Hellengraben', de hoefijzervormige gracht van de middeleeuwse burcht, die de Trierse aartsbisschop Hillin heeft laten aanleggen ter bescherming van deze kant van de burcht. De gracht is tijdens opgravingen in de jaren 2003 en und 2004 bijna over de gehele lengte blootgelegd en gedocumenteerd. De massieve, verscheidene meters brede en diep in de rots uitgehakte gracht sloot net als de oude prehistorische palissadegreppel de zuidelijke formatie van het noordelijke plateau af.

Het zuidelijke deel van de gracht aan de burchtkant is in de oorspronkelijke toestand bewaard gebleven. Hier zijn nog de bruggenhoofden van de ophaalbrug te herkennen. Het noordelijke deel van de gracht aan de plateaukant is bij de aanleg van een bastion uit de zestiende en vroege zeventiende eeuw en de bouw van de zogenaamde 'Hellenbau' dichtgemetseld en verregaand veranderd. Volgens de vondsten is pas eind zeventiende eeuw een begin gemaakt met het opvullen van de Hellengraben, onmiddellijk na de beschieting van de vesting in 1688. In deze tijd werd in de nog grotendeels openliggende gracht een groot keldergewelf aangelegd in de lengterichting van de gracht. Het indrukwekkende keldergewelf, dat vandaag de dag nog enigszins herkenbaar is, vormt de onderbouw van de toenmalige woongebouwen, die eind zeventiende resp. begin achttiende eeuw onder de Trierse keurvorst Karl Kaspar v. d. Leyen en Johann Hugo v. Orsbeck zijn gebouwd. Wapenstenen van de keurvorst Johann Hugo v. Orsbeck uit het puin van het gebouw vormen een bewijs voor de levendige bouwactiviteit in deze periode (afb. 4). Na het opblazen van de oude keurvorstelijke vesting en de woongebouwen door de Franse troepen bouwden de Pruisen in de negentiende eeuw op de opengevallen plek de grote vesting in neoklassieke stijl.